Kiekjes

Titel
Kiekjes

Jaar
1926

Overig
I, Jodenbreestraat-Waterlooplein

Pagina's
208



wormen gevreten, maar Sjoolem is gebleven. Als je drie-hoog naast de kabroonem-sjoel woont, ga je niet zoo gauw den grond in.

Sjoolem op ’t Waterlooplein. Daar in ’t zonnetje op de steentjes onder ’t boompje. In de Mei is de kans op mazzel mooi. Vogeltjes-maand. Willen vele menschen de vogeltjes nadoen. ’n Nestje bouwen voor zich tweetjes met uitzicht op ’n drietje zonder verdrietje. Maar al wat menschen doen, is duur en duurt niet lang. Waarom moet menig goede wil in zoo’n klein leven zooveel groot kwaad-geld kosten? Je wil eventjes netjes wonen in vrede en je kunt niet, over dat eeuwige, smerige, twistzieke geld. Moet je maar naar ’t Waterlooplein gaan. Sjoolem heeft menig vogel-paartje helpen nestelen. U weet toch, hoe de vogeltjes doen. Nooit eerste-hands-sgoure. ’n Woninkje van wat anderen weggooien. Sjoolem kan je daaraan helpen. Wat daar staat, hebben anderen weggedaan. Neen, niet ’n Jehoede — 'n Jehoede doet z’n boeltje niet weg voor ’n beetje. Hij is veel te blij met wat lang leeft, draagt graag ’n jas al de winters van z’n leven. Sjoolem heeft nog nooit ’n boeltje van ’n Jehoede gekocht. Maar zij, die den Joden den oorlog verwijten, vechten in hun huis den boel stuk, om ’n vodje van ’n reden. Ze zijn bedreven in het gade-slaan. ’t Moet al ’n bij uitschot beroerde Jehoede zijn, die z’n gade slaat. Hij smult aan droog brood met sjoolem erop en laat zich liever braden in z’n drift, dan dat hij z’n hand uitsteekt, ’n Jehoede heeft dan ook de zilveren bruiloft uitgevonden.

Hoe Sjoolem aan dat boeltje kwam? Door on-sjoolem.

Min-eer woonde in de Kinkerstraat en was nog geen maand met haar genesteld. Of-ie nu in de Kinkerstraat ging wonen, omdat-ie ’n kinker was, of-ie ’n kinker meende te moeten zijn uit piëteit tegenover de Kinkerstraat, deze causaliteit moeten decasualisten maar uitkauwen. Zeker is, dat de vuisten dezes kink-kinkel’s immer de oogen van zijn gade zochten, vanaf ’t moment, dat ze geëcht waren. Hij was geen kwaje goosen van afkomst, maar de kink in den kabel was gekomen, omdat door werkeloosheid niets meer in de melk te brokken maar wel in de jenever te slokken was. ’t Bruidje had geen tranen meer. Toen haar kerel haar duidelijk onder beide oogen had gebracht, dat hij van zacht-

Kiekjes.    8

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.