Het Joodsche lied, 2de boek

Titel
Het Joodsche lied, 2de boek

Jaar
1921

Druk
1921

Overig
1ed 1921

Pagina's
162



113.

Wij ploegden 't land, wij ploegden 't wijde water, Onder al sterren, onder elke lucht, Den vriend beschuttend, voor geen wreeden hater In lagen of in open strijd beducht.

Gelijk 't land zullen wij weer 't water ploegen. Niet oim de. winst verheugd, maar om 't bedrijf. Waar de vaders in barre banschap zwoegen, Worden de zonen stout van ziel en lijf.

Wij leden eeuwen van wreede verdrukking. Nog zijn wij niet gebroken door hun haat. Dichter van mijn Volk, in ééne verrukking Bind ik dit schoon in rijm en rijke maat.

En als een Vacler zijne zonen zegent, Zegen ik 't eerste schip der Joodsche Vloot. Waar door stormtocht gebroken zeeschuim regent, Vindt het veilig zijn vaart door nood en dood.

God moog het zegenen en het behoeden, Menig rijk jaar langs menig wijde baan. Waar zeeën breken en de stormë*!! woeden, Is geen schip, dat Gods wegen ging, vergaan.

De zee ligt open. Heel de lucht ligt open. Wij staan in één teed're spanning geschaard. Het schip, van zooveel harten 't blijde hopen, Zoekt wind en zee, vrijheid en volle vaart.

8

Het Joodsche Lied

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.