Kwatrijnen

Titel
Kwatrijnen

Jaar
1924

Druk
1994

Overig
poezie

Pagina's
192



LICHT EN LEVEN.

Al wat wij licht noemen is maar een schaduw Van God, het Eenig Schaduwlooze Licht.

Al wat wij leven noemen is een waduw,

Die wegwaait voor Gods aangezicht.

ONDERWERPING.

Wie nimmer bitter met God heeft gestreden, Hij kent de weelde der nederlaag niet, Wanneer weder door zijn ontspannen leden, Het geluk siddert van het Heilig Lied.

WEELDE.

Wier wegen nooit door het donker dal gingen, Wat weten zij, hoe een weg naar God stijgt? Wat weten zij, hoe vol herinneringen,

Het moede hart naar Gods verlossing hijgt.

TWEESTRIJD.

Zoo zeker als de nacht is mijne zonde.

Zoo zeker als de dag is mijn berouw.

O, hart, verpest met eene pracht van wonden, O, ziel, gezegend met feillooze trouw.

GODS WRAAK.

De eerste granaten van het jaar gebroken. Wat is het verschil met het laatste jaar?

God heeft zich weder nog dieper gewroken.

De zoete vruchten proeven zwaar.

185

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.