250
Geestelijke en Op het dooreen-gebruiken van de woorden ״geestelijke verstandelijke vermogens” en ״verstandelijke vermogens” in de vragen
vermogens. In■ ° *1 ׳
sania moraiis. van de rechters en in de antwoorden van de genees-kundigen werd reeds door mij gewezen. *) Toch kan het met het oog op de gevallen van ״zedelijke krank-zinnigheid” van belang zijn, het verschil te handhaven tusschen ״geestelijk” en ״verstandelijk”.
Vraagstelling Het Hoog Militair Gerechtshof stelt de vragen als
door het Hoog- volgt I 2)
rechtshof. l ״Is het aannemelijk, dat beklaagde, ten tijde hij de
feiten pleegde, waarvoor hij terecht staat, leed aan eenige ziekelijke storing of aan gebrekkige ontwikkeling zijner verstandelijke vermogens.
2. ״Is het aannemelijk, dat hij de feiten, waarvoor hij terecht staat, heeft gepleegd onder den invloed dier storing of gebrekkige ontwikkeling.
3. Heeft die storing of gebrekkige ontwikkeling in het geheel geen invloed gehad op het plegen dier feiten.”
Antwoord van Het antwoord in het aangehaalde geval luidde : ״dat de deskundigen. aannemelijk is, dat beklaagde ten tijde hij de
feiten pleegde, waarvoor hij terecht staat, leed aan eenige ziekelijke stoornis of gebrekkige ontwikkeling zijner verstandelijke vermogens.”
Andere vraag- In een ander geval zijn door het Hoog Militair steiiing vanhetGerechtshof vragen gesteld meer overeenkomstig het Gerechtshof, voorbeeld door Prof. Van Hamel gegeven. Een van de vragen luidde: ״Heeft de storing ophefifend of beperkend
נ) Ook in W. 9820.
^2) Onder anderen te vinden in ״Eenige expertises” door Dr. W.
H. Cox, Dr. P. H. Lamberts en Prof. Dr. G. Jelgersma in ״Psychia-trische en Neurologische Bladen” van 1905, bldz. 317. Het Hoog Militair Gerechtshof verwaarloost het verschil tusschen ״geestelijk” en ״verstandelijk.״