240
Wij hebben de vraag gesteld met dezelfde woorden, waarmede zij door Dr. Cox is gesteld. T) Terecht merkt Prof. G. Heijmans op: ״om een vraag te kunnen be-antwoorden, is de eerste vooorwaarde, dat men die
vraag verstaat.” 1) Dit is zeer juist. Doch wat is de
Waarde van de uitdrukking: ״eene vraag verstaan?” Ik meen dit: ״de vraag stellen in woorden van zoo groot mogelijke Waarde”.
Waarde van Welke is nu de Waarde van de door Dr. Cox ge-
deze vraag, stelde vraag ? Men stelle de vraag algemeen aldus :
״Wat is onze Bedoeling, wanneer wij vragen tot welke wetenschap een begrip behoort?”. Gaan wij deze vraag stellend, niet reeds uit van de onjuiste gedachte, dat een begrip bij uitsluiting van alle andere wetenschappen zou behooren tot het gebied van eene bepaalde weten-schap ?
Een begrip Maar het is duidelijk, dat deze gedachte onjuist is. behoort met tot j£erc{er js foet tegendeel waar : dat ieder begrip tot het
ééne enkele we- e 0 ö
tenschap. gebied van meerdere wetenschappen behoort. Dit is vooral waar voor de zoogenaamde grondbegrippen.
Een voorbeeld: ״diefstal” is een begrip, dat men geneigd zou zijn een zuiver juridisch te noemen. Echter : de vraag of gas en electriciteit vallen onder ״eenig goed” is mede een natuurkundige vraag. ״Oogmerk” is een begrip uit de zielkunde.
Wij hebben de strafrechtswetenschap omschreven als de wetenschap van de strafrechtelijke toerekening.
1
״Over Strafrechtelijke toerekening” in het ״Tijdschrift voor Strafrecht”, Deel XX, bldz. 471.