100
schillende beoordeelaars hebben verklaard, dat zij het er ook niet uit hebben begrepen. Waarschijnlijk heeft Prof. Hijmans het woord de eerste keer ingevoerd als een intuïtief woord, synthetisch, suggestief. Daarvan moet dan later de logische waarde worden vastgesteld. En de verhouding tot andere begrippen als: recht, gerechtigheid, orde, rechtvaardigheid, rechtsgevoel, rechtsbewustzijn. Deze logische waardebepaling, een levenstaak, overigens, heeft Prof. Hijmans achterwege gelaten. Wellicht daardoor heeft zijn Woord veel minder belangstelling gehad van Nederlandsche rechtsgeleerden, dan het ongetwijfeld verdiende. En veel minder bijvoorbeeld dan Prof. Krab-foe’s Woord: „rechts-souvereiniteit”.
Prof. Hijmans had voor zijn intuïtief-synthetisch Woord moeten doen, wat bijvoorbeeld Rudolf Stammler heeft gedaan voor het zijne: logisch onderzoeken en rechtvaardigen. *)
Het is jammer, dat Prof. Hijmans dit verzuimd heeft. Elders in zijne rede geeft hij blijk van een zeer goede signifische bezinning. Ik bedoel de bladzijden 25—27: