Pathologieën

Titel
Pathologieën

Jaar
1908

Druk
1975

Overig
herdr 1975

Pagina's
239



lezen, maar wilde hij hem wel ongeopend naar Londen terugzenden, vanwaar de brief hem toegekomen was.

Later las hij wel. René schreef hem:

,,Mijn lieve jongen, ik dank je zeer voor den volstrekt nederigen brief, dien je mij geschreven hebt. Het was mij een verfijnd genoegen zulk eenen brief van zulk eenen hooghartigen jongen te ontvangen. Meen niet, dat ik naar Londen ben gegaan uit smart over den kleinen brief, waarin je mij over onze scheiding hebt geschreven. Eens en voor goed zeg ik je, dat ik, noch over mij zeiven noch over anderen, ooit echte smart heb. Die bestaat niet, want er bestaat hoogstens valsche vreugd. Ik ben naar Londen gegaan, omdat ik mij ineens herinnerde, dat daar een jongen woonde, dien ik wilde zien ondergaan. En als ik goed ben ingelicht heb ik tijdens mijn verblijf te Londen vele onmenschelijke dingen gedaan.

Wat nu je zeiven betreft: jongetje Hans, ik wou, dat je het ons tweeën maar wat gemakkelijker maakte. Je moet mij ter wille zijn als ik het wensch, maar niet wanneer jij het wenscht. Ik word ziek van dingen, die mij worden aangeboden, terwijl ik om gezond te zijn juist dingen noodig heb, die mij worden geweigerd.

Verder moet je niet gelooven, dat je zoo zuiver en voornaam van gevoel bent, omdat je nu eenige goede bladzijden proza hebt opgeschreven. Wanneer je daarmede nog eenigen tijd voortgaat, zul je misschien wel onsterfelijk worden tot je dood toe, en daarna een wereldberoemd kunstenaar in Haarlem en in Cuilemburg.

Maar overigens ben jij een gewoon sodemietersch snolletje, evenals de schandjongens in de groote straten van de groote hoofdsteden. Alleen kom jij niet voor je gevoelsleven uit, en je leeft stil en be-heerscht met je onmatige verlangens bij twee matige oude menschen. Gelukkig, dat ik er ben. Ik verbeeld mij niet, dat ik beter ben dan wie anders ook. Dat is eene slechte gedachte. Maar ik heb jou fouten van grootspraak en van eigen genegenheid niet. Ik weet precies wat ik ben: een goed kunstenaar met een verdorven gemoedsleven. Ik vind het heerlijk een kunstenaar te zijn, maar ik vind het nog heerlijker, dat ik zoo verdorven ben en, dat ik het zoo zeker weet.

Jij gebruikt voortdurend onwijze en onware woorden, zoo, dat ik ze met mijn onwillig geheugen van zelf onthouden heb ״strenge studie, fraai en voornaam, goed en correct, een zuiver inzicht, een voldoende uitkomst" en meer van dat moois. Maar dat zijn dwaze praatjes, waarmede je mij onbeheerschbaar boos maakt.

170

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.