Palestina

Titel
Palestina

Jaar
1925

Druk
2000

Overig
herdr

Pagina's
156



En hun ezeltjes? De Joden moeten maar komen, en het hun leeren. „Ik zeg u”, beweert Abdoel Salaam in een opgetogen opwinding, die zelden de zijne is: „als al dit land van de Joden was, dan zou het paardenvoer niet meer kosten dan één piaster de rotel. En wij zouden allen gelukkig zijn. Bij mijn geloof”.

Het is al laat in den middag, wanneer wij rijden langs het grafteeken van acht Engelsche officieren. Gaza is de sterkste militaire positie van geheel Zuid-Palestina. En de Engelschen hebben er hard voor moeten vechten. Wij rijden door geheele stelsels van loopgraven, die zich eindeloos ver wegwinden in de velden. Er liggen nog groote gave bommen.

Het is vijf uur. Wij zijn meer dan zes uren in de wagen. De zon, die wit was, is rood geworden. De rijke vlakte van Gaza. Tuinen met hun cac-tus-hagen. Vijgenboomen en druiventuinen. Ineens achter duinen de zee. En de zon, groot en rood, boven de zee. De schemering. Een korte schemering. Dan achter ons, hoog en goud, de volle maan. Morgen is het vijftien dagen in Schebath, nieuwjaarsdag voor de boomen, als de zon weer macht krijgt.

Een leemen voorstad. Een moskee. Tuinen en huizen. Gaza. Allah heeft ons weder liefgehad.



93

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.