Met de stroom mee

Titel
Met de stroom mee

Jaar
1946

Pagina's
194



Maar hij schrok ontzettend, had haar niet verwacht. Hij draaide snel het licht op. Vroeg stuurs: „Wat moet dat?”

Maar zij bleef voorshands doorschreien van geluk en doorgestaan verdriet beide, dan keek ze hem aan, begreep het niet, het schreien hield op.

Was dat haar Louis? de keurige boekhouder van Staatsmijn Emma? Een landloper met moddervlekken op z’n gezicht, geronnen bloed op z’n kleren, gebogen, vel over been,, verwaarloosd met de blik van ’n zinneloze. Hij rook naar bier. .

„Louis,” kreunde ze, „ach Lowieke, wat is er gebeurd?” Hij keek verstoord: „Kun je me gedorie niet met rust laten?” Maar dan ontdaan en haastig: „Ik was wel naar jou toegekomen, ik was ’t van zins.”

Ze zag hem niet aan, rommelde in haar korf, dan reikte ze hem de getypte brief over.

Zijn bleek hoofd werd rood terwijl hij las. Er stond geen naam onder. Hij vloekte dof, keek haar even aan, wilde overlezen. Begon met de datum: 30 Dez. En teder opeens, zoals hij tot de kat gesproken had gisternacht: „Een zalig nieuwjaar, moeder,” en dan in dialect: „Ze hebben ons willen pesten, mij in de eerste plaats, ’n Schavuit dien ik van jou heb verteld, en dien ik gezegd heb hoe jij er geen begrip van had hoe ik hier leef, als je dit zwijns-bestaan leven noemen kunt. Die kerel is mijn doodsvijand geworden, laat hem de kanker krijgen...”

De oude vrouw, in elkaar gezakt, schrok hevig, wilde hem doen zwijgen. Maar het dialect spreken sleepte hem mee, zelfs de ellendigste woorden kregen een vertrouwde klank: „...of het schurft... hij wilde'jou de stuipen op ’t lijf jagen.., als je hier je geliefde reine zoon zou aantreffen in de modderpoel.., tussen de meiden.., en jouw afschuw, jouw ontgoocheling moest mij het meest martelen.” Het klonk als ’n toneelstuk, dezie pathetische woorden, vrijwel onbegrijpelijk voor de eenvoudige vrouw, die maar roerloos zat te staren naar den vervallen zoon, die hier wonen moest tussen de deernen. De wulpse geluiden, het kraken der bedden, de vreemde woorden, schiepen een sfeer van ontucht rond haar heen.

„Maar Louis,” zuchtte ze, „maar Louis, wat je me vertelt.” Ze trilde, wist niet of ’t van de honger was. „Alles

178

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.