De tweede jeugd

Titel
De tweede jeugd

Jaar
1939

Overig
roman

Pagina's
255



gaan. En waarschijnlijk nog veel erger...

Uit die woorden proefde hij den vinnigen geest van haar zuster Fie, maar Trees was immers zoo veel dommer — hij had haar daarvoor tenminste altijd aangezien. De heele historie speet hem meer dan hij kon zeggen en hij wilde het later weer goedmaken. Maar Trees zei, dat ze nergens van wist, dat waren van die voorbijgaande dingen... En ’s avonds zei hij tegen haar:

— Ik begrijp dat toch niet, van Kareltje... Ik vind hem ongewoon terughoudend over dat bezoek bij Bonger...

— Inderdaad. Ik vroeg hem nog: waarom ben je brutaal tegen vader geweest? En toen zei-d-ie: Ik was niet brutaal, maar dat is een heele groote vriendschap en daar kan je niet zooveel van vertellen...

Deze woorden hebben voor Van Swieten de zaak niet duidelijker gemaakt. Hij kijkt er beurtelings zijn zoon en Bonger op aan en voelt zich schromelijk van zijn plaats gedrongen. En dat nog wel door een man die nauwelijks de moeite neemt, het woord tot hem te richten. Het is maar gelukkig, dat Kareltje niet over een volgend bezoek heeft gesproken; Van Swieten zou het in ’t eind toch niet hebben kunnen weigeren en nu kan hij zich tenminste verbeelden, dat daar niets van komt. Maar het valt hem eenigszins moeilijk, zich weer in zijn oude machtspositie te verplaatsen. En in den grond is er eigenlijk slechts treurigheid in hem, omdat hij zoo onuitsprekelijk veel van zijn jongen houdt en deze hem blijkbaar niet begrijpt.

Maar de tijd werkt heelend en Kareltje wijdt zich


237

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.