De tweede jeugd

Titel
De tweede jeugd

Jaar
1939

Overig
roman

Pagina's
255



XVII.

Het is niet waar,.dat hij met spijt in het hart naar het huis van Van Swieten is gegaan. Integendeel, hij is blij, dat hij een voorwendsel heeft om zijn geschrijf te laten rusten. Het moet een vriend blijven en geen vijand worden. Alles in dit leven wil nu eenmaal met mate worden genoten.

Bonger ziet nu toch, dat Van Swieten een goed mensch is. Maar heeft hij daaraan ooit getwijfeld? De man is zoo gelukkig, hem in zijn huiskamer te kunnen verwelkomen. Hij biedt hem de beste plaats en den gemakkelijksten stoel aan. Daar houdt Bonger niet van, hij blijft liever wat onopgemerkt, maar het is niet anders vanavond. En Kareltje is hem om den hals gevallen. Die is heelemaal niet slaperig, ofschoon toch ook niet bijzonder opgewonden.

Trees is maar een kalme vrouw, wat niet wegneemt, dat zij de chocolaadjes naar hem toeschuift en vraagt of hij het hier niet te koud vindt. Hij is haar sympathiek door uiterlijk en manieren. Zij constateert, dat er een vreemde rust van hem uitgaat, die ook wel onrust kan zijn en waaruit haar man waarschijnlijk die bijzonderheid heeft gedistilleerd.

Hét is treffend te zien hoe Kareltje op dezen man, dien hij toch amper kent, is gesteld. Hij moet vlak naast hem zitten en is gulzig op ieder gebaar en woord van Bonger. Van

197

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.