De tweede jeugd

Titel
De tweede jeugd

Jaar
1939

Overig
roman

Pagina's
255



IX.

Hoe heerlijk heeft Fannie Fritsje er tusschen. Hij begint waarlijk ongeduldig te worden. Maar ze houdt hem goed vast en zal wel zorgen, dat hij niet zoo gauw loskomt.

— Alles, alles heb ik voor je over, zegt hij. Ik heb je lief, ik kan niet zeggen hoeveel...

— Dat is ook niet noodig, schat, antwoordt Fannie. Ik geloof je wel, maar ik heb dringend een nieuwen bontmantel noodig, want het wordt bar koud.

— Je zult hem hebben, morgenmiddag gaan we hem samen koopen. Maar heb ik je niet gezegd, dat ik dien winter hier ook afschuwelijk vind en waarom wil je nou niet mee op reis gaan?

Hij schildert haar de genoegens van in een groot hotel te wonen en autotochten te maken en te baden in een lauwe, blauwe zee. Dat is erg verlokkend. Er staat haar niets meer in den weg om het aanbod te aanvaarden dan het idee, dat alles tusschen haar en Lou dan wis en zeker uit is. Frits droomt van in het buitenland te blijven en wanneer ziet ze dit dierbare landje dan terug?

— Je weet, dat m’n moeder ziek is. Het kan gauw afloo-

103

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.