HET HOKJE IN DE HERSENS. 115
Jaantje vond het raadzaam om terug te keeren. Grom-mende maakte zij rechtsomkeert,
Nannie, triomphantelijk, volgde haar met de kat.
Zoo kwamen zij thuis, maar nu werd het pas moeilijk voor Nannie, en ze begon nog ééns zoo erbarmelijk te huilen, want nu moest zij tekst en uitleg geven, ze had zich verzet tegen de besluiten der groote menschen, en daar stond zij nu, verantwoordelijk voor alles ... Ze snik-te, ze kon maar één ding zeggen: ״Het mag niet gebeuren, het mag toch niet gebeuren ...!"
Gelukkig was Vader inmiddels thuisgekomen. Vader kon het er toch niet mee eens zijn. Hij had zelf zoo lief het mandje voor de poes klaargemaakt, en nu,..
״Ik wil het niet, ik wil het niet... !" huilde Nannie.
Vader legde haar de hand op het hoofd.
״Begrijp je wel," zei hij zacht, ״dat het erg moeilijk is voor Moeder die vijf katten te verzorgen, in haar drukke leven?”
Toen werd Nannie nog wanhopiger, want als de groote menschen zoo zacht spreken hebben zij altijd gelijk. Haar tranen vloeiden ...
״Maar ik wil het niet, ik wil niet dat het gebeurt!" snikte zij, en haar heele schort was al nat van ,t huilen.
״Kun jij dan zorgen dat ze ieder een thuis krijgen?” zei Vader, half tegen zichzelf.
״Ja, o ja!” riep Nannie. ״Ik zal ervoor zorgen, mag ik er alsjeblieft voor zorgen? Ik zal zorgen, dat ze allemaal een thuis krijgen, o alsjeblieft! Als ze dan maar niet in 't water hoeven!"
״Vind je dat ook goed, Moeder, dat Nannie dat op zich neemt?” vroeg Vader.
En Moeder, blij met de oplossing, vond het best. Ze was geschrokken, toen ze gemerkt had dat Jaantje de katjes had meegenomen, hoewel hun verdwijning toch een heele
8*