104 IN DE GOUDEN KLOK.
Moeder liet zich niet onbetuigd en kwam nu en dan het oude, wankele trapje af, dat van de keuken naar het erfje leidde, om eens te kijken, hoe het nu met patiënt maan stond, en meteen 'n kopje thee uit te deelen.
״Als we maar ’n kijker hadden!" zei Marix.
״Ik geloof niet, dat dat veel verschil zou maken," zei Vader.
״O ja," zei Marix. ״Want het is best mogelijk dat we dan de schaduw van de Himalaya zouden zien."
״Denk je,” zei Vader. ״Zou die zoo hoog zijn, dat het een merkbaar verschil zou maken op de aarde-afmeting?"
8000״ Meter, zegt de natuurkunde-leeraar,” zei Marix. ״Als je denkt dat de middellijn van de aarde ± 13.000.000 Meter is.., Neen, dan is zoo'n berg toch niet veel...”
En zij verdiepten zich samen in berekeningen...
Santje stond erbij en trachtte te begrijpen. Zij las hun de woorden van de lippen. Als het mogelijk was geweest, zou zij haar hoofd hebben opengemaakt, om al die kennis er beter in te laten loopen... Wat gebeurde daar alle-maal aan dien grooten hemel... ? Hoe was het allemaal mogelijk, en zij zaten er zelf in, zij waren zelf een deel van dien hemel,.. ! De maan werd donker, doordat de schaduw van de aarde, van hun aarde, erop viel, en dat kwam doordat de zon in t voorbijgaan achter de aarde was komen te staan, en dus voor 'n poosje geen licht op de maan kon werpen...
De maan had dus geen licht van zichzelf? Die zweefde daar maar 'n beetje rond, net als een koude steen, een arm, koud kameraadje, aldoor maar heen om de aarde... Wat 'n geluk dat de zon er nog op scheen, de zon, die de aarde ook zoo lekker verwarmde ... Je voelde je, bij al die hemelgedachten, los op de voeten staan, net of de aar-de zóó zou wegrollen, want de aarde hing zoo maar los in de lucht, neen de lucht-zelf was maar 'n stukje van de