gehuld in een, met knoopjes gesloten, eenvoudig, fluweelen lijf dat, je voélde het, van een diep-paarse tint moest zijn geweest, wat men vroeger noemde: vi-olet, of pensée.... Heerlijk was zij in hun herinnering, onwezenlijk en teeder als een heilige, van vereering omglansd als een offer, en als je in hun hersens had kunnen kruipen en een photo maken van de beeldjes die je daar vond, dan had je nergens zoo n scherp beeld ge״ troffen, door liefde dieper ingeëtst, als van deze jonggestorvene, die zoo lang nog leefde.... En misschien leefden zij en die anderen ook nog wel voort, wa-ren zij aanwezig, op de wijze zooals sommigen denken, dat zij nog voortle״ ven, maar het was niet noodig, zij wa-ren er ruim voldoende, zij waren in de lichamen, gereed om voortgeplant te worden naar een verre toekomst, en in de geesten die hun stempel misschien zouden drukken op die nieuwe wor-94