Moppert zij:
'Nóg langer wachten ? Het is al bijna een week geleden, dat ze chassene gedaan hebben.'
Merkwaardig genoeg laat hij zich snel overhalen. Ze verschijnen 's avonds prompt acht uur in de woning van het jonge stel. Bij de eerste oogopslag ziet de moeder van de bruidegom, dat haar zoon slecht verzorgd wordt. Dat verbaast haar niet. Ze kan niet precies zeggen waar en hoe en op welke wijze hij een slordige indruk maakt, maar zij weet het. De jonge vrouw heeft rode ogen alsof ze gehuild heeft. Nog geen week geleden getrouwd, en nou al ruzie. Maar de jonge vrouw legt ongevraagd uit wat er aan de hand is. Zegt ze:
'Ik heb haringsla gemaakt. De uienlucht is op mijn ogen geslagen.'
Als de moeder even gelegenheid krijgt om haar eigen man een
haastig zinnetje toe te fluisteren, zegt ze:
'Je zoon wordt nou al verwaarloosd.'
Zegt de vader, ook fluisterend:
'Je beeldt je wat in.'
Gewaarschuwd door zijn vrouw, let vader die avond extra scherp op. In de keuken staat inderdaad een schotel met haringsla. Hij ziet geen enkel spoortje van verwaarlozing. Integendeel. Het geeft hem een voldaan gevoel als hij het jonge stel in de keuken ziet trekkebekken, terwijl de melk op het gas staat over te koken.
Later, op weg naar huis, vertelt zijn vrouw hem omstandig wat het scherpziende moederoog aan ongerechtigheden in de woning van het jonge paar heeft ontdekt.
'Ze is een vrotzak, de borden waren gewassen en gedroogd, maar er zaten strepen op. Dat hoort niet in een zindelijk gezin.
104