HOOFDSTUK XV. ZORGEN BUITEN ONZE GRENZEN.
Het Plan van de Partij van de Arbeid is een doelbewuste poging om de maatschappij in één greep te omvatten.
Het tracht verleden, heden en toekomst in elkanders verlengde te zien.
Maar onze schets van een nieuwe wereld zou te kort schieten, indien wij vraagstukken van binnenlandse en die van buitenlandse aard behandelden alsof ze door waterdichte schotten van elkander gescheiden zijn.
Bij vrijwel elk vraagstuk, dat ons als Nederlanders bezig houdt, moeten we de betekenis van het buitenland scherp in het oog houden.
Het internationale karakter van het democratische socialisme is een uitvloeisel van zijn overtuiging, dat men de grote maatschappelijke vraagstukken in onze tijd minder dan ooit kan oplossen binnen de perken der nationale grenzen.
Politieke invloeden.
Het Congres van de Partij van de Arbeid, dat in 1951 te Rotterdam werd gehouden, nam een resolutie aan, waarin men kan lezen: ״Het Congres is van mening, dat ook bij een deelneming aan de gemeenschappelijke verdediging van de vrije wereld, de strijd voor een socialistische samenleving het eigenlijke doel van de socialistische beweging blijft.
Mede daarom acht het Congres het de taak van de socialistische beweging om met nadruk te blijven stellen, dat in de wereldomvattende strijd tegen de communistische dreiging het sociale, economische en geestelijke front van even beslissende betekenis is als het militaire front.
De maatschappelijke opgang van de achtergebleven gebieden, met name die in Azië en Afrika, is een principieel punt van internationale socialistische politiek."
De betekenis van deze woorden kan, dunkt ons, niet worden misverstaan.
De dreiging van de uit Rusland afkomstige communistische dictatuur heeft het democratische socialisme in één verdedigingsfront gebracht met landen en met bewegingen, die, evenals wij, voor de vrijheid pal staan, maar die de socialistische gedachtenwereld (nog) niet aanvaarden.
De resolutie van het Rotterdamse Congres van de Partij van de Arbeid betekent:
wij zullen als democratische socialisten in elk opzicht onze volle plicht doen ter verdediging van de Westerse beschaving. Dit doende blijven wij werken voor de verwezenlijking onzer socialistische idealen.
Het Plan werkt deze gedachte verder uit met de woorden:
״Elke opbouw van een wereldordening op economisch of sociaal
84