״Allright, we zullen je begrafenis nog een paar dagen uitstellen."
Grijze Jaap en Molly worden binnengeroepen.
״Luister, Jaap", zegt Marku, ״Tony blijft nog een paar dagen hier logeren. Wat we daarna met hem zullen doen, weet ik nog niet."
״Ik weet het wel", zegt Jaap. ״Jij gaat de laan uit, Tony."
Marku negeert die woorden.
״In elk geval, zolang Tony hier is, wordt hij goed behandeld. Hij blijft geboeid. Ook 's nachts. Maar geslagen wordt er niet meer, heb je dat begrepen, Jaap?"
Die bromt iets.
״Wat zeg je?" vraagt Marku hard.
״Ik zeg, dat ik hem wel krijg als ik hem in mijn Rolls moet wegrijden. Levende Jaap en dode Tony."
״Voordat jij met mij uit rijden gaat, luis", zeg ik tegen Grijze Jaap, ״hebben we eerst nog iets af te rekenen."
Ik geef een plotselinge ruk aan mijn boeien. De stoel valt naar voren. En, geboeid als ik ben, val ik met mijn volle gewicht op Grijze Jaap.
Hij rolt op de grond. Ik lig met de stoel bovenop hem.
Hoe ik het klaarspeel, weet ik niet, maar ik geef hem een paar kopstoten in zijn maagstreek, die alle lucht uit zijn gemene lichaam duwen.
Kreunend en happend naar adem ligt hij onder me.
Als ik mijn handen vrij had, zou ik hem doodslaan.
Marku en Molly trekken hem weg.
Ik worstel nog een beetje na.
158