״De loonen moeten met dertig procent omlaag om de concurrentie met de dreigende nieuwe uitvinding te kunnen weerstaan!" Dan gaan de loonen met dertig procent omlaag. Leve de dictatuur!
Mr. Lawrence sluipt rond den Duitscher en den Franschman, een felle tijger rond zijn prooi. Hij vertrouwt niemand, het minst van allen Jacobus Fredericus de Brie. Drie keer heeft hij dien vent nu al uitgenoodigd om naar het ״Imperial Hotel" te komen, drie keer, den eenen keer vormelijk, den tweeden keer dringend, den laatsten keer dreigend. Maar de vent antwoordt niet. Speelt stommetje. Doet alsof er niets gebeurd is, geen afspraak is gemaakt van gelijk oversteken, de een het geld, de ander de uitvinding.
De politie schijnt ingedut. Geen van de drie gasten in het ״Imperial־־Hotel" heeft de laatste dagen iets bemerkt van een politie־־onderzoek. De kranten schrijven niet meer over de moorden. Zij schijnen vergeten. Het gerucht van de nieuwe uit־־ vinding heeft al het andere van de voorpagina verdrongen. Als Mr. Lawrence nu maar te weten kon komen, wie dat gerucht in de wereld heeft geslingerd. Hij zoekt en snuffelt, zet zijn menschen aan het werk. Ze vinden niets. Hij weet het niet. Frans Hokkert weet het evenmin. Hij maakt zichzelf en zijn chef wijs, dat Herr Gutsberg öf
171