bereik van zijn vingers. Hij behoeft, om zoo te zeggen, maar te grijpen!
״Ik moet duizend gulden voorschot hebben, Mr. Lawrence, dan kan ik de uitvinding uit haar schuilhoek halen.... en daarna zullen we zaken doen. Gelijk oversteken!" Hoe gemakkelijk is deze zin niet uit te spreken. ״Doe 't jongen!"
Wie niet waagt, wie niet vrijloot. Het verhaaltje klinkt écht: achttien karaats! Duizend gulden; voor Mr. Lawrence moet het een bedragje zijn van niks! Naar de politie zal de Engelschman voor dien afgezetten rooien rug niet gaan, kan hij niet gaan. Zou hemzelf maar in de nesten helpen. Hij kan hoogstens Jacobus Frede־־ ricus opnieuw van moord beschuldigen, maar dan zal hij toch moeten bewijzen; dat heeft zelfs Frans Hokkert immers niet gekund.
Duizend gulden, dat is voor Jacobus Fredericus de Brie een sweepstake. Het is een gemakkelijk te hanteeren sommetje. Je behoeft je ook niet het hoofd te breken in welke papieren je het beleggen zult. Voor duizend pop koop je een sigarenwinkel.... ״Ping.... ping!"
״Morgen meneer____ Wat zal het wezen,
meneer? ____ Vijf van tien____ asjeblieft me־
neer.. ..dag meneer."
162