Jacobus Fredericus de Brie

Titel
Jacobus Fredericus de Brie

Jaar
1933

Druk
1933

Overig
1ed 1933

Pagina's
213



Op het tooneel goochelt de Chinees een eend uit een hoogen hoed....

״Dus toch niet in de kist----!"

Een eend, gebraden en wel. Om de pooten van het beest zitten van die malle, gekartelde papier־ tjes. Die hebben de houten kippen in de etalage van Heek ook altijd en de kop van het beest steekt in een papieren zak, dat doen ze bij kalkoenen en zoo. Het dooie beest vliegt door de zaal en Jacobus denkt: „Als ik nou maar een betere plaats had, dan kon ik het loeder te grazen nemen, een

bil d'r van af draaien en opbikken____"

Malle brasem is hij toch: zit in een schouwburg, die niet meer bestaat, die finaal uitgebrand is. Kijkt naar een dooie eendvogel, die rondvliegt — wat niet kan, wat godsonmogelijk kan bestaan, net zoo min als Marietje, wier achternaam hij niet meer weet!

Als hij nou maar op een hoogeren rang zat, dan kon je alles veel beter zien en begrijpen, ja be׳׳ grijpen! Zou die dooie eendvogel kwaken, als je'm

beetgrijpt----?

„Wil ik je een handje helpen" vraagt Marietje. Hoe wist zij nou, dat Japie niks zien kan?

„Jij mij helpen?" denkt Jacobus Fredericus de Brie, „stom wicht, je hebt gisteren geeneens je jaartallen gekend", maar hij zegt: „Als je wilt... graag!"

101

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.