dat het onder zekere omstandigheden voordeliger kon zijn wanneer zij zwangerschapsverlof zou kunnen genieten en zich daarna op wachtgeld liet stellen. Het kostte hun geen moeite tot die slotsom te komen, want, eerlijk gezegd, verlangden ze allebei vurig naar een kind.
Toen de bevalling nog hoogstens een maand in het verschiet kon liggen, kwam een oude vraag zich in nieuwe vorm aandienen. De traditie! Als de eerste een zoon werd, moest het kind dan besneden worden, of niet? ״Geen haar op mijn hoofd, dat erover denkt," zei Wolf resoluut tegen Mirjam.
״Op hygiënische gronden wordt het verdedigd." ״Onzin ... en als dat helemaal waar is, dan moet men het door een dokter laten doen en niet door een coupeur van het rabbinaat."
״De oudjes zullen het verschrikkelijk vinden, wanneer we het kind niet laten besnijden."
״Het wordt tijd, dat de oudjes er aan wennen, dat hun
kinderen aan het ghetto zijn ontgroeid; en in elk geval,
onze zoon zal de kentekenen van het ghetto niet zijn
hele leven behoeven mee te dragen."
״Bereid je dan maar vast voor op hevige ruzie met je
ouders."
״Er komt geen ruzie. Ik zal hun duidelijk en zonder omwegen zeggen hoe ik erover denk, en daarmee basta." Maar Wolf zei het niet duidelijk, en hij gebruikte duizend omwegen om aan het gesprek met zijn ouders te ontkomen. Wanneer die vroegen of het kind besneden zou worden, ja of neen, antwoordde hij: ״Waarom zouden we ons daar nu al zorgen om maken. Misschien wordt het wel een meisje."
178