Drie uur later
We hadden een heel tijdje op dat terras van het hotel 'St. George' gezeten en toen vonden we, dat we honger kregen; er zou toch wel wat te eten zijn voor niet te veel geld. Die kellner zei, dat hij zijn best zou doen en met een knipoogje naar mij zei hij: 'U bent vandaag mijn gast, je komt hier niet zo vaak een landgenoot tegen, dus laat ik u maar eens fuiven, meneer van Hoven, zegt u maar wat het zal zijn... een lekker biefstukje met gebakken aardappeltjes en doppertjes?'
Nou en of, en de anderen bestelden een stukje lamsvlees met pepermunt-saus, maar ik heb zitten schransen, nog nooit heeft een biefstuk me zo goed gesmaakt en toen ik alles op had en zelfs de hond niets meer van mijn bord had kunnen likken, zei ik, dat ik me kiplekker voelde en best nog een half uurtje op dat terras zou willen uitblazen.
'Ik ga een halfuurtje wandelen,' zei Molly.
'Alleen?' vroeg Terry.
'Als niemand met me meegaat, zal ik wel alleen moeten gaan,' zei ze en inderdaad ging ze in haar eentje weg.
'Denk er om, dat je niet verdwaalt,' riep Terry haar nog na, 'wc moeten uiterlijk drie uur aan het schip zijn.'
'Maak je om mij geen zorg,' zei Molly, 'ik kom wel terecht.'
Daar zaten we, het was half een toen ze wegging en het werd één uur, en half twee en we keken af en toe op onze horloges, maar al wie kwam, Molly niet.
Zelfs Jim, die ijskoude, werd een beetje onrustig en zei, dat we maatregelen moesten nemen; ten slotte hadden we nog maar anderhalf uur,
We spraken af, dat iedereen een andere richting zou uitgaan om Molly te zoeken en dat we elkaar om half drie uiterlijk op het terras zouden terugzien en mocht Molly intussen komen, dan zou die Amsterdamse kellner haar vertellen, dat ze moest wachten en zo gingen we weg. Maar net toen ik op het punt stond weg te gaan, riep die kellner me apart en zei:' Assik u een goeie raad mag gefe', ga dan in de
211