Tussen speurders en spionnen - Avonturen van Dirk Poldervaert

Titel
Tussen speurders en spionnen - Avonturen van Dirk Poldervaert

Jaar
1960

Druk
1960

Overig
1ed 1960

Pagina's
191



het Centraal Station gaan. Daarna kunnen we altijd verder de stad ingaan.'

De wachtkamer van het Centraal Station was zo stampvol, dat Dirk zijn ouders in het begin helemaal niet kon vinden. Maar eindelijk ontdekte hij hen, in een hoekje aan een tafeltje gezeten. 'Ik moet me beheersen', zei hij voortdurend tegen zich zelf. Hij drukte zijn duimen zo stevig in de holte van zijn hand dat het pijn deed. De kaken klemde hij op elkaar.

Ook vader en moeder waren zeer aangedaan. Maar ook zij konden

zich beheersen.

'Dag jongen', zei zijn moeder.

'Dag', zei hij, terwijl zijn stem trilde, 'ook toevallig, dat we jullie hier net tegenkomen.'

'Kom hier bij mij op de punt van mijn stoel zitten', zei moeder, 'er is geen andere plaats. Ik zal maar denken, dat je weer een klein jongetje bent, dat bij mammie op schoot komt zitten.' Knus en innig zaten ze bij elkaar. Moeder aaide zijn hand. Fluisterend vertelden ze elkaar dingen, die ze al lang wisten. Toch deed het goed zo dicht bij elkaar te zijn.

'Weetje Dirk', zei vader een beetje schor, 'dat we in het begin kwaad op je waren, maar nu zijn we trots op je. Het is een harde tijd, waarin iedereen zijn olfers moet brengen. We bidden God, dat alles goed mag aflopen, niet alleen met jou, maar met alle mensen.' 'De bevrijding komt zeker', zei Dirk.

'Maar wanneer?' vroeg moeder, 'soms denk ik wel eens, als de bevrijding komt, leef ik al lang niet meer. En ik zou zo graag weer met mijn eigen ogen Willemientje zien voorbij rijden.'

'Lien is een reuzemeid', zei vader, die duidelijk de bedoeling had het gesprek in andere banen te leiden, 'zodra je weg was, is ze bij ons gekomen. Ze komt zeker drie keer in de week op visite en dan blijft ze altijd de hele avond. Dan praten we over alles en nog wat, en natuurlijk ook wel eens over jou.'

'Ik denk wel eens', zei moeder, 'we hebben geen zoon verloren, nee, we hebben er een dochter bij gekregen.'

Dirk keek zijn moeder aan. Nu pas ontdekte hij, dat ze donkere kringen onder de ogen had. Hij vond de kleur van haar huid mat. De spanning en het verdriet hadden haar blijkbaar zeer aangegrepen. 'Hou je maar taai moeke', zei hij, en hij tikte haar liefkozend op de wang, 'we moeten hier nu eenmaal doorheen. Niemand van ons heeft gevraagd om in deze tijd te worden geboren, maar nu we er eenmaal zijn zullen we onze plicht moeten doen, doodgewoon.' 'Dat houd ik mezelf ook steeds voor', zei moeder, 'maar als het dan

185

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.