CORNELIS PIETERSZOON HOOFT 75
van Oldenbarneveldt, en ja, er is ook iets in van den milden Abraham Lincoln en van den wijzen Thomas Masaryk. Een rustig en bedachtzaam man, zoals ge hem daar ziet zitten, maar wel een kerel, sterk en eerlijk en degelijk als het ouderwetse wagenschot. Van hem dichtte Vondel, dat de keur op dit leven was: ״Indien 't gemeen u roept, bezorgt het als uw eigen"; bijna drie eeuwen later zou de onbaatzuchtige Lafayette een wapenspreuk van gelijken zin kiezen, en weer later, zou de geschiedschrijver dien ouden Amsterdamsen burgemeester een lid noemen van de grote geestelijke familie, waartoe Frederik de Grote, Franklin en Mirabeau behoorden. Een groot man dus, deze Cornelis Pieterszoon Hooft ? Hij zelf wilde niet meer zijn dan: een burger, en hij werd het in den dieperen zin van dat woord, dat immers spreekt van de verantwoordelijkheid, die de enkeling draagt om borg te zijn voor allen!
#
De familie Hooft kwam uit de Zaanstreek; daar hadden zich de leden van het geslacht met veel gewin toegelegd op den handel met de landen aan de kusten van de Oostzee; zij stichtten aldus een hechte familietraditie van koopmanseer en degelijkheid. De geschiedenis van de familie was de adelbrief van den jongen Cornelis Pieterszoon (hij werd in 1547 geboren) en zijn richtsnoer tegelijkertijd: handeldrijven is de bron, waaruit het volk kracht put, en handel zonder eerlijkheid brengt handelaar noch klant gewin.
De vader van den jongen Cornelis Pieterszoon was omstreeks 1560 naar Amsterdam vertrokken. Daar had de oude het nieuwe geloof omhelsd; de zoon met den zin voor rechtschapenheid, die den loop van zijn gehele leven zou bepalen, en onstuimiger dan zijn vader, werd een vurig ijveraar. De tijden waren onrustig; de band, die deze landen en Amsterdam verbond met het rijk van den Spaansen koning, werd knellender. Er waren, die, ge