Dr. WILLEM DE VLUGT 296
Ziethier Burgemeester De Vlugt ten voeten uit — met een kwinkslag antwoordt hij zijn tegenstander, hij waardeert wat zijns inziens te waarderen is, maar.... handhaaft eigen mening, wijkt
geen duimbreed van eigen standpunt.
#
Het is Jhr. Ruys de Beerenbrouck geweest, op wiens voordracht de heer De Vlugt door Hare Majesteit de Koningin tot Burgemeester benoemd werd. En deze heeft meermalen verklaard: ״De Vlugt is mijn beste benoeming geweest." Hij had vertrouwen in hem en heeft jaren nadien eens gezegd: ״Toen ik den heer De Vlugt vroeg of hij zich een benoeming ״tot Burgemeester van de hoofdstad zou laten welgevallen, heeft ״hij mij geantwoord: ״Ja." Ik wist, dat ik, wanneer hij ״Ja" zei, ״mij volkomen op hem zou kunnen verlaten. Want als hij zijn ״schouders onder iets zet, slaagt hij."
Later heeft Burgemeester De Vlugt ons in een particulier gesprek eens gezegd: ״Als wij, Christenen, ״Ja" zeggen, weten ״we, dat we dit niet doen in eigen kracht. Dit was ook de reden, ״dat ik op het ogenblik, waarop ik toestemmend antwoordde, ״zelfs geen moeilijkheden zag. Ik heb ze tijdens mijn ambts-״periode eigenlijk nooit gezien, omdat ik wist in Wiens dienst ik ,,stond." En zich herinnerend den avond, waarop hem per brief zijn benoeming werd medegedeeld: ״Na den maaltijd las ik ״Psalm 84, maar genaderd aan de woorden ״De Heere zal ge-״nade en eere geven...." kwam de ontroering toch over mij ״en kon ik niet verder lezen."
Dit is De Vlugt binnenskamers, zoals de burgerij hem niet kent — de magistraat in de ogenblikken, waarin hij voor belangrijke beslissingen in zijn leven staat. Dan is hij, die anders steeds op de bres staat om de belangen van zijn stad tot het laatst toe te verdedigen, voor wien niets te veel is, zodra het het hooghouden van het recht geldt, dan is de voorvechter, de strijder, klein voor