211 PIETER CORNELIS HASSELAER
Dien avond echter brak zich de vreugde opnieuw baan. Hasselaer, thans ambteloos burger, hoorde in zijn huis, door de gesloten luiken, het feestgerucht der menigte, die langs de grachten trok en op de hoeken rood-wit-blauwe staken plaatste, de vrijheidshoed er op. Bij rusteloze vedelmuziek klonk onophoudelijk het lied ,,Ah fa ira!", afgewisseld door het opwindend ,,Dansons les Carmagnoles, vive le son du canon!" Wie het Frans niet meester was, kende althans de woorden. Het klonk dreigend vaak, dat aanhoudend geroep en gezang in den donkeren, vrieskouden nacht, naderend en wegstervend, telkens opnieuw. Tot uitspattingen kwam het echter niet. Nog twee jaar leefde ,,Burger" Hasselaer, teruggetrokken in zijn woning aan de Keizersgracht, slechts van ver het politiek gebeuren volgend. Hij overleed, 77 jaar oud, op 26 April 1797 aan verval van krachten. De oude Amsterdamse burgemeestertraditie, een regeringsvorm die bijkans vier eeuwen bleef gehandhaafd, belichamend de macht en glorie van Amsterdam, had hij overleefd. Met hem ging een der laatste vertegenwoordigers van het Amsterdamse regentendom ten grave.