il6 COENRAAD VAN BEUNINGEN
der ernstig genomen te worden, die op politieke beslissingen aandrong zonder dat iemand notitie van zijn woorden nam. Hij veroorzaakte volksoplopen, wanneer zijn vrouw hem op straat uit groepjes mensen haalde en hem, met onzachten drang voerde naar het huis vlak bij den hoek van de Herengracht en den Amstel, waar ze hem opsloot en ranselde, zodat de voorbijgangers zijn angstkreten hoorden.
En hij begon vreemde visioenen te zien. Als zijn geest helder was, schreef hij brieven, waarin hij zijn krankzinnige angsten van de in pijnen en martelingen doorwaakte nachten neerschreef en zich beklaagde, dat de buren niet op zijn hulpgeroep waren naderbij gesneld om hem te verlossen uit de handen zijner pijni-gers. Hij beschreef, in lange brieven aan vrienden en in boeken de gezichten, die hij gezien had; hij waarschuwde de bevolking in straatpredikatiën voor het naderende wereldgericht, dat komende was. Op 13 Maart 1689 had hij boven de stad een vreemd vuur gezien en een menigte rode vuurbollen, die in kleine vlammen waren opgegaan en boven een stal op de Reguliersgracht had hij een doodkist gezien, in kleuren van den regenboog en omgeven door vreemde: gestalten. Zijn grote kennis van Hebreeuws, Latijn en Grieks, zijn ontzaglijke belezenheid op theologisch gebied, gaven aan deze uitingen van een verward brein een bekoring, die toch nog velen pakte. Sneller voltrok zich het verval.
*
Het is geen wonder, dat de volkslegende, die zich later van de levensgeschiedenis van Coenraad van Beuningen gretig heeft meester gemaakt, om het slot van dit merkwaardige leven tal van verhalen heeft geweven, die in de historie onvoldoenden steun vinden, maar die leren hoezeer de tragiek van dit langzame sterven ook zijn tijdgenoten beroerde. Geslachten na elkander hebben gestaan voor het brede huis aan den Amstel, waar eens een