il6 COENRAAD VAN BEUNINGEN
loosheid werden groter en volgden elkander met steeds groter snelheid op.
Het was op 5 Januari 1686, dat de vroedschap van Amsterdam zich officieel en in het openbaar met zijn dalend prestige moest bezighouden; het verval van Coenraad van Beuningenwas van dien dag af publieke zaak geworden.
Er gingen praatjes door de stad; het gemeen besprak de kansen van het einde van Coenraad van Beuningen.Er waren er, en niet de eersten de besten, die hem voorspelden, dat hij sterven zou door de handen van den beul, anderen, dat hij niet zou sterven dan nadat hij gehuwd zou zijn met een lichtekooi; op 64-jarigen leeftijd, zes maanden nadat de Raad zich met zijn dalend prestige had moeten bezig houden, huwde hij inderdaad met zijn oude maitresse Victoria van den Heuvel, maar dit huwelijk bracht hem nog groter ellende, want zijn echtgenote bleek een loszinnig, gierig vrouwspersoon, belasterde in het openbaar haar man en verweet hem zijn onverstandige daden van koopmanschap. Zijn politieke rol was uitgespeeld, maar van het stedelijk toneel verdween de figuur van Coenraad van Beuningen niet. De opgang van den begaafden jongeling naar de hoogste toppen van rijkdom en macht had plaats gevonden ten aanschouwe van allen; hij zou, evenzeer ten aanschouwe van allen, in kommer en jammer ondergaan.
*
Er is geen twijfel aan, dat Coenraad van Beuningen de laatste jaren van zijn leven krankzinnig geweest is. Toen de brandende liefde voor zijn stad hem steeds verder van de eenzaamheid van Rijnsburg verdreef, moet het dezen genialen geest reeds grote moeite hebben gekost om zich staande te houden; toen echter zijn rijkdommen verdwenen, vluchtte hij uit de wrede wereld in de schuilplaatsen van zijn fantasie. Hij begon een vermakelijk straat-type te worden, een seniele fantast, die millioenen uitdeelde zonder ze te bezitten, die zaken deed zon