il6 COENRAAD VAN BEUNINGEN
stappen te ondernemen, die hem dikwerf in Amsterdam de afkeuring van velen bezorgden, maar zijn integriteit stond boven allen twijfel verheven en het was aan deze omstandigheid toe te schrijven, dat de Witt, hoe dikwijls deze met hem ook van mening verschilde, Coenraad van Beuningen altijd trouw en vriendschappelijk genegen bleef.
In Januari 1660 zag hij dan eindelijk de kans om zijn sterker geworden heimwee naar de rust der ambteloosheid te bevredigen. Hij legde het ambt van pensionaris neer.... drie maanden duurde de rust, toen kwam hem in zijn eenzaamheid de tijding verrassen, dat zijn vaderstad nieuwe en grote gevaren dreigden door de handelspolitiek, die Frankrijk was gaan voeren. Het inzicht in het gevaar, dat uit Frankrijk dreigde, was bij van Beuningen niet aanwezig, toen hij in 1660 de opdracht aanvaardde om als buitengewoon gezant naar dat land te gaan, maar wel zag hij het eerder en scherper dan de meeste zijner tijdgenoten. Het relaas van zijn optreden in Frankrijk vormt een der boeiendste hoofdstukken uit dit aan spannende voorvallen zo rijke leven. In het milieu van geraffineerde politici, geslepen diplomaten en oorlogszuchtige veldheren, werkte deze man onafgebroken voor de veiligheid van zijn stad. Hij intrigeerde er en verzoende weer. Hij zocht en kreeg contact met den Engelsen gezant en bespiedde tegelijkertijd diens woorden en daden met den scherpen argwaan van een, wiens dierbaarste bezit bedreigd wordt. Aanvankelijk koesterde hij de hoop, dat het zou gelukken om met Frankrijk tot een verzoening te komen, al verheelde hij zich niet, dat zelfs bij het slagen van deze verzoening, in de toekomst gevaren voor complicaties zouden blijven bestaan en dat deze landen goed zouden doen zich op deze gevaren voor te bereiden. Hij werkte onafgebroken aan de vorming van bondgenootschappen, die de Staten van Holland in een komenden oorlog zouden kunnen steunen of hun flanken zouden kunnen dekken. Hij zond vermaningen naar Amsterdam en trachtte in Parijs de