CORNELIS PIETERSZOON HOOFT 93
niet ingewilligd zijn geworden, hij spreekt toch van de rechtschapenheid dergenen, die dachten zoals Burgemeester Hooft: ,,dat zy alle tzelfde repareren, met afstandt van alle erf ven, voor den prijs daervoor zij dye originelick hebben gecocht." Zijn strijd tegen de corruptie in het stadsbestuur heeft Hooft de vijandschap van velen, van zijn naaste familie in het bijzonder, berokkend. De eeuwen hebben al deze kleine twisten uitgewist; een latere tijd heeft de levensbeschouwing van Cornelis Pieterszoon Hooft erkend als de neerslag van de edelste en onbaat-zuchtigste gevoelens, die de mensheid hebben geleid door dalen van rampspoed naar de hoge toppen van menselijkheid, verdraagzaamheid en gemeenschapszin.
#
Cornelis Pieterszoon Hooft naderde den zeventigjarigen leeftijd; sinds 1610 was hij geen burgemeester meer van de stad, maar alles wat de gemeente betrof, had nog zijn volle belangstelling. Andere tijden en andere zeden waren gekomen. Het volk, dat hij en anderen, door de woestijn van dwingelandij had geleid naar de landen der vruchtbare vrijheid, had nieuwe meesters leren kennen en waarderen. In enkele Hollandse steden had men veranderingen getroffen in de regelen van het stedelijk bestuur; de tijden waren moeilijk en prins Maurits ijverde voor een leiding van de overheid door mannen, die sneller en doeltreffender zouden werken. In het stadsbestuur van Amsterdam waren geleidelijk aan velen de opvattingen van den Prins gaan delen; een andere tijd vroeg andere vormen en andere mensen. Daar kwamen dan op 2 November 1618 de heren van de stad bijeen; Prins Maurits was in hun midden. Hun gezichten stonden ernstig, want zij wisten welk besluit van hen verlangd werd. De Prins verklaarde, ,,dat hy hier gekomen was om volgende den last van de regierderen van 't Landt, deselve zes en dertig Raden te bedancken voor haren