Rettisj ramenas
Reivogem winst (Hebr.: rewach)
Rondsjaletten sjaletpot is een 'eenpansgerecht', dat op vrijdag in de oven gaat om pas zaterdag (Sabbath), wanneer geen vuur mag worden gemaakt, te worden gegeten. Sjaletten is dus eigenlijk: treuzelen, langzaam-aan-doen Rosh Hashana Joods nieuwjaarsfeest
Sacheetje gebakje van bladerdeeg
Sappelen zwoegen
Schadchen huwelijksmakelaar
'Schidach'-maken koppelen (in gunstige zin)
Schieters zachte geel-groene pruimen
Schmeichelen vleien
Schnorrer soort bedelaar
Shemborrogoe God
Shobbets lange zwarte jas, kaftan
Simcha vreugde, feestelijkheid
Sjabbes sabbath
Sjalksnar spotvogel
Sjat niks — schadet nichts hindert niet
Sjatzie schat je
Sjemo Benegijgem luister naar beide partijen (Deut.: 16) Sjikker dronken
Sjiwwestoeltje lage kruk waarop tijdens de zeven treurdagen wordt gezeten
Sjkome (hashkomo) eigenl.: goedkeuring. Meestal: ochtenddienst Sjkorum leugen Sjkorummen liegen
Sjkorumsager leugenaar (Hebr.: 'scheker' — leugen)
Sjleiderten glijden, zachtjes bewegen
Sjlemiel pechvogel
Sjlofen slapen
Sjnokkeltje schatje
Sjoel synagoge
Sjijntje mooi wezen
Sholem vrede
Smak of lak smaak of kraak
Smeris (scheldwoord) afgeleid van shamar = bewaken en shaumeir = bewaker