ken tussen miljoen en een miljard guldens. Vader zegt: 'Met een half miljoen ben ik ook al tevreden.'
Alles goed en wel, maar eerst moeten de eigendomsrechten worden vastgesteld, dat kan een heel proces worden, al staat op de papieren dat het eigendomsrecht onvervreemdbaar is. Er moet nog veel meer worden uitgesnuf-feld. Al die geleerdheid heeft Jokof van een kennis, maar als we hem vragen wie die knappe kennis is, weigert hij de naam te noemen, of weigeren is het goede woord niet, hij draait er omheen en als hij eindelijk vertrekt, voelt iedereen zich een beetje geprikkeld, zonder dat we weten waarom. Alle tien papieren liggen weer in de brandkast.
3
De volgende ochtend zegt vader dat hij keeldichtknijpend angstig heeft gedroomd, van geld nog wel en dat brengt ongeluk, dat weet iedereen. Je kunt beter van suiker dromen of van witte muizen. Veel tijd om erover na te filosoferen hebben we niet, want opeens klinkt er een gestommel op de trap alsof een regiment kruiers bezig is een brede kast door een te nauwe deuropening te wringen, maar het is geen meubel, het is alleen maar Hare Dikheid juffrouw Granaat uit de slagerij, die voor het eerst van haar leven haar meer dan tweehonderdvijftig pond naar drie hoog komt hijsen om bij ons een buurpraatje te maken. Of, buurpraatje is eigenlijk een te koel woord voor de genegenheid die ze over ons komt uitstorten. Eerst condoleert ze vader plechtig met het verlies van grootmoeder Jans en daarna feliciteert ze het hele gezin driemaal zo plechtig met de miljoenenerfenis die ons zo maar op het lijf is komen vallen. Vader krijgt plotseling haast om naar zijn werk te gaan en grootmoeder vlucht naar de keuken,
154