met een acteur, die gedurende de oorlog zonder rechtstreeks N.S.B.-er geweest te zijn, allerlei vuile baantjes voor de moffen heeft opgeknapt. De kerel heeft eerst van de Ereraad tien jaar schorsing gekregen, maar de tweede Ereraad heeft hem een werkvergunning gegeven. Die actrice zei: Die tweede Ereraad erken ik ook niet, want die heeft alle vuil geaccepteerd en dat doe ik niet, eenvoudig omdat ik het niet kan. Ons vak is te subtiel, zei ze en te afhankelijk van de stemming van degeen, die het beoefent, om je in staat te stellen een vriendelijke rol van binnenuit te spelen tegenover een vent, waarvan je misselijk wordt als je hem langer dan snel in het voorbijgaan moet bekijken!
— Ze heeft gelijk, meende Johan, maar ze verliest het.
— Maar lieve God, er moet tegen al deze ongerechtigheden toch iets te doen zijn!
— Zij zeggen: gezuiverd is gezuiverd!
— Ik heb es een vent op bezoek gehad, die had wandluis gevonden en die zei: zuivering en toen heeft de huisbaas het gedaan, maar de wandluis was er nog. Toen de huurder hem dat kwam vertellen, zei de eigenaar: Dat kan niet, want er is gezuiverd en gezuiverd is gezuiverd. Maar hij heeft van de Gezondsheidsraad toch maar de opdracht gekregen om de wandluis weer te laten aanvallen en de huurt heeft hem knap geholpen !
— Ja, maar de Gezondheidsraad — om in jouw terminologie te blijven — vindt, dat de wandluis wel weg is en ,,de buurt” helpt ook niet voldoende.
— Maar wat doen w ij ? vroeg de ander wanhopig. We hebben de mensen in onze krantj es in de oorlog toch ook van alles beloofd.
— Ze hebben ons in de oorlog ook allerlei moois beloofd en dat hebben we ook niet gekregen.
—■ En daarmee is het dus uit?
Hij keek Johan aan en toen hij niet dadelijk ant-