keer! Acht keer! Huib, die de verradersrol speelde, werd schuw gescholden maar hij casseerde met welbehagen. De spanning en de voldoening stonden zwaar in de studio. De gezichten van de acteurs en actrices gloeiden in de vonkende ijver en telkens als de scène uit was, stonden ze alweer gereed om de „lekkere clausen” opnieuw te beginnen.
Opeens kwam er beweging achter. De drie verdwenen. Zacht, heel zacht. Om niet te storen......
Toen de deur achter hen dichtviel, zei de regisseur: —. Pauze, dames en heren!
Ze stonden op en liepen de grote ruimte van de studio binnen. De schater klonk. De assistent en Huib stonden met de rechterarm gebogen en de duim van de rechterhand omhoog.
— Moord! prees er iemand genietend.
— En nou zou de pers natuurlijk zeggen, dat ik het leed en de ellende van een deel der mensheid gebruik om de spanning in mijn hoorspel te kunnen opvoeren, dacht de kleine Groninger. Ik zeg maar: je kunt alles doen met die radio! Alles!
De kellner bracht koffie.
Een van de acteurs had een boekje: „Nederlandse toneelspelers”. Foto’s met korte biografieën. Van omstreeks 1910. Een oudere actrice greep er haastig naar. De anderen kwamen om haar heen staan en ieder riep om die of die of die. De ouden van toen stonden erin. De grote Bouwmeesters, Louis en Frits, mevrouw Theo Man, Jan C. de Vos, de oude Chrispijn en zovele anderen. En de jongeren van toen. De Tartauds, Nico de Jong, allen jonge mensen toen nog.
Bij elke foto vlogen uitroepen door de studio. Flitsen van herinneringen en och’s en o’s en nee’s!
— De oude Haspels staat er nog in, vertelde de eigenaar en hij zocht de acteur in het boekje op. En Van Zuylen.
—■ We hebben het gisteravond nog over die troep gehad, vertelde een van de oudere actrices. Bij mij