die liefde. Kij maak u onkerust en kij wilt weet of dat wat kij doet......
Even keek hij op en dadelijk verbeterde hij toen hij
haar gezicht had gezien: ...... wilt weet of dat wat
kij denkt is koed en mag worden kedaan. Kij zijt onzeker en kij wilt steun en daarvoor kij zijt kekoom tot
mij.
—• Ik hou echt van mijn man, zei ze en Matje knikte vertrouwelijk en begrijpend.
— Het is die andere, zei hij en keek haar weer aan. Ik hem zie. Maar kij wilt vertel.
— Weet u, meneer, ik hou echt van mijn man, dat is het niet, maar u moet weten: ik ben daarvóór ook getrouwd geweest en van hem heb ik een kind, maar dat ging niet zo goed, begrijpt u wel? Ik bedoel, verbeterde ze met een lachje, dat huwelijk om zo te zeggen en we zijn gescheiden. Ik was nog maar achttien toen ik het kind kreeg en dat was in ’39. Toen is mijn man die eerste, begrijpt u wel? naar Indië gegaan, maar eerst zijn we gescheiden, want ik had toen
kennis gekregen aan mijn tegenwoordige man en......
eh......begrijpt u wel?
— Ik bekrijp, knikte Matje en Johan voelde naderend onheil, want Mattheus keek te veel op en het vrouwtje had iets glimmerigs in d’r ogen.
—• Oppassen, fluisterde Johan tegen Huib, die het ook zag.
— Als ie gek doet, kan je met een stoel gaan gooien meende de acteur. Dan schrikt ie en dan is ’t altijd over.
—■ En nou moet u weten, het is heel goed geweest tussen mijn tegenwoordige man en mij, meneer, werkelijk heel goed en we waren best te vree en ze moeten tegen mij niet wagen om wat kwaads van hem te zeggen, begrijpt u wel? Maai' u weet dat natuurlijk allemaal, want dat ziet u alle dagen. Nou en toen was de oorlog over en een paar maanden geleden is mijn eerste man met de gerepatriëerden in het land terug-