122.
schijnlijkheid teniet te doen zelf een soort niet van zichzelf bewuste Eichmann te worden. De beste verzekering om niet voor het Eich-mann-syndroom te bezwijken ligt in het besef dat aangezien er een Eichmann was, er ook in onszelf potentieel een soort Eichmann aanwezig is. In slaap sussende schijnheiligheid is wel het laatste dat het potentiële ervan zal weerhouden het daadwerkelijk te worden. Met iedere gram van onze mentale energie en onder het voortdurend afwegen van onze daden, niet tegen de macht van de rationalisering, maar tegen hun empirisch bepaalde effecten op menselijke wezens, dienen we ons te hoeden voor de lage driften, verdovende rationalisaties en alle aberraties die door welke mens dan ook bewezen zijn te kunnen bestaan. Het pleitte voor Albert Schweitzer dat, nadat hij een essay gelezen had waarin gesteld werd dat er geen beduidende verschillen in de bewuste motivaties bestonden tussen een Schweitzer
en een Eichmann, hij zich niet beledigd voelde, maar in plaats daar-
25
van een lange felicitatiebrief stuurde aan de auteur'. Het verschil tussen de ene en de andere mens - tussen Eichmann en Schweitzer -zit hem niet in zijn potenties maar in zijn daden. Het zit hem niet in de keuzes die hij in het leven zou kunnen maken, maar in de keuzes die hij werkelijk maakt:'Who is man? A being in travail with God's dreams and designs, with God's dream of a world redeemed, of reconciliation of heaven and earth, of a mankind which is truly
His image^, reflecting His wisdom, justice and compassion. God's
27
dream is not to be alone, to have mankind as a partner in the
drama of continuous creation. By whatever we do, by every act we
carry out, we either advance or obstruct the drama of redemption;
2 8
we either reduce or enhance the power of evil'.
Terug naar de naastenliefde. De hierboven genoemde interpretatie van Lev. 19:18, waarbij 'de naaste de gelijke' is, is radicaal egalitair. Er is van dit vers ook een zeer bekende gematigd egalitaire interpretatie, die stoelt op de gedachte, dat wat jij haat ook door je naaste wel gehaat zal worden en dat je naaste ook wel niet zal houden van datgene waar jij niet van houdt. Bovendien is deze tweede interpretatie van Lev. 19:18, die door Hillel geformuleerd is, als een kernachtige samenvatting van de hele Torah op te vatten. Toen namelijk een aanstaande proseliet aan Hillel vroeg hem de hele Torah te onderwijzen in de tijd dat hij (de proseliet) het volhield op één