Door vier grote migratiegolven, die van 586 v.C., 70 n.Q, 1492 en 1881, is de Joodse verspreiding tot de 20ste eeuw gekenmerkt. De grootste vervolging aller tijden, die onze generatie beleefde, de vernietiging van zes millioen Joden door de moordenaars in Hitlers derde rijk, heeft het begrip der Joodse migratie volkomen veranderd. In 1944 schreven Arjeh Tar-takower en Kurt Grosman in The Jewish Refu-gee: ’de tweede opmerkelijke karaktertrek der Joodse vluchtelingenbeweging is de enorme omvang. Zelfs in de geschiedenis van het Joodse volk, waar massa-vlucht toch zeker geen uitzondering is, vinden wij niets dat daarmee te vergelijken is. Nu, in 1944, zijn al de in leven zijnde Joden in Europa, met uitzondering van die in de U.S.S.R., Engeland en enkele neutrale landen, vluchtelingen of gedeporteerden!’
Wat deze uitspraak betekende, werd duidelijk toen het bevrijde Europa het ontzaglijke probleem — en de grote morele test — van de „Verplaatste Personen” te verwerken kreeg. Zes millioen Joden waren vermoord — ... .de meeste overlevenden in Europa van familie, huis en goed beroofd. De kampen waren overvol. Vanuit de diepte der peilloze ellende riep het slachtoffer van de grootste bloeddorst aller eeuwen, de volkeren der wereld aan, om een uitweg te vinden. Voor honderdduizenden bleef de toegang tot de meeste landen gesloten. Terwijl Enge-
18