Het kleine land en zijn groote schoonheid

Titel
Het kleine land en zijn groote schoonheid

Jaar
1941

Druk
1941

Overig
1ed 1941

Pagina's
292



Indien het geschiedt, dan zullen velen dit beschouwen als vooruitgang, als een zegen voor land en volk. Het is mogelijk, dat dezulken gelijk hebben, al is de bewering voor bestrijding vatbaar. Doch of men haar bestrijdt of niet, industrialisatie is in een streek als deze vaak niet tegen te houden. Men moet haar dus aanvaarden en daarbij hopen, dat het lachende oord niet geheel in een „black country” zal worden herschapen. Maar dengenen, die deze landstreek goed kennen, zal het aanvaarden van hetgeen waarschijnlijk zal geschieden niet gemakkelijk vallen. De gedachte stemt bitter droevig, dat eenmaal in dat bekoorlijke golvende land, met zijn bosschen en akkers en boomgaarden, met zijn weiden vol populieren, met zijn bevallige dorpjes en aanzienlijke hoeven, met zijn landhuizen en kasteelen, de fabrieken alles zullen overheerschen, dat giftig afvalwater van de kristallen beken en riviertjes stinkende open riolen zal maken, dat zwarte dampen zullen hangen over de jammerlijke overblijfselen van voormalige schoonheid, dat de merkwaardige flora zal verdwijnen onder sintels en asch, dat in natuurstaat levende vogels en dieren de vlucht zullen nemen voor den alles-verwoestenden mensch, die ook hen van hunne levensvoorwaarden berooft.

Anders dan de heuvelen van Zuid-Limburg zijn die van Gelderland en van Overijsel, welke onderling echter eveneens van elkander verschillen. Zoo zijn de heuvels van de Veluwe geen steenformaties. Zij bestaan uit zand en zijn eigenlijk niet anders dan sterke golvingen van hetgeen eenmaal uitgestrekte heidevelden waren, of nog zijn. De uiterlijke heuvel-formatie, en daarmede de aanblik van het landschap, is hier dan ook geenszins gelijk aan de Zuid-Limburgsche. Hier is niet de afwisseling van hooge toppen en diep-gelegen dalen, die vooral geheel in het zuiden van Limburg aangetroffen wordt. Op een enkele uitzondering na zijn de heuvels hier eigenlijk hoogvlakten, met meestal zachte glooiingen. Ook ontbreken hier de beekjes en riviertjes, die het Limburgsche berglandschap zoo groote bekoring verleenen, behalve dan in het Oosten, in de buurt van den IJsel (de Loenbeek, de Voorstbeek) en in het Westen (de Hoevelakensche, de Barneveldsche, de Luntersche beken en de Greb of Grift); doch deze liggen buiten het eigenlijke centrale heide- en heuvelgebied, dat droog is.

Het algemeene aspect van de Veluwsche heuvelen wijkt eveneens geheel af van het Limburgsche. De heide is hier overwegend. Wijd en grootsch golft zij hier over enorme uitgestrektheden. Doch ook het bosch neemt groote gebieden in


98

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.