tig begroeid. Massa’s vogels broeden in het stille, weinig bezochte oord en heerlijk is er het plantenleven. Liefelijk zijn de beide eerstgenoemde dorpjes en Haamstede heeft iets deftigs, statigs zelfs, dat het een buitengewone aantrekkelijkheid verleent. Schouwen heeft trouwens toch vele mooie dorpen: het oude Brouwershaven, dat in het verleden een stad van beteekenis was, Renesse, Zonnemaire, Serooskerke, Noord-Gouwe; en bijzonder aardig is Schuddebeurs, dat te midden van veel geboomte bekoorlijk gelegen is. Tusschen Schuddebeurs en Zierikzee, doch dicht bij de stad, ligt een vlakte, van watertjes doorsneden en met laag struikgewas gestoffeerd, die Het Vrije wordt genoemd en vanwaar men een treffend gezicht heeft op de oude veste, die daar met haar oude poorten en machtigen St. Lievenstoren ligt in den krans harer begroeide wallen, als een visioen van een ver verleden — als ten minste Het Vrije nog vrij is; want booze geruchten omtrent bebouwing werden vernomen. Een heerlijk eiland is Schouwen, met Walcheren het schoonste van de groep; en er is hoop, dat het zoo zal blijven, want het ligt ver van de groote verkeersroutes, is niet gemakkelijk te bereiken, geen groote stad ligt in de nabijheid, zoodat forensendom er onbekend en dus schennis van het landschap op groote schaal niet te duchten is. Walcheren heeft slechts een betrekkelijk smalle duinstrook. Hier liggen het bescheiden Zoutelande, met zijn schilderachti-gen ouden toren, en het grootschere Domburg; en daar vindt men ook de machtige zeewering van Westkapelle, het bolwerk, dat het eiland beschermt tegen de geweldige aanvallen, die de zee daar uitvoert, als de woeste Zuid-Westerstormen de wateren met titanenkracht drijven tegen de stompe landpunt. Zeer innemend is het Walchersche landschap, in het bijzonder het gedeelte ten westen van het groote kanaal. Er zijn plekken, als het bij de Middelburgers geliefde Oranjezon, die met de schoonste van het geheele land kunnen wedijveren. Tusschen Middelburg en Domburg, doch vooral nabij de laatstgenoemde plaats, is het landschap van zulken aard, dank zij vooral de uitgestrekte buitenplaatsen, dat men begrijpt hoe vroegere geslachten er toe gekomen zijn Walcheren „den tuin van Nederland” te noemen. Nagenoeg alle dorpen op dit eiland hebben groote aantrekkelijkheid, tot welke de fraaie kleederdracht der vrouwen en ook die der mannen, echter slechts bij uitzondering anders dan des Zondags te aanschouwen, niet weinig bij draagt. De Zeeuwsche vrouwen zijn gewoonlijk mooi en hare welgevormde en pikante aangezich-
92