Amsterdam, die groote stad

Titel
Amsterdam, die groote stad

Jaar
1936

Druk
1936

Overig
1ed 1936

Pagina's
353



Maar zints eenige Jaren is de zugt naar dezelve zeer verminderd, deels door de tijdsomstandigheden, en ten andere door de zugt naar het Nieuwe welk gestadig uit Frankrijk herwaarts kwam, en door de Franschen opgevoerd wierd, als Operas en Balletten; hier door ging het oude deftige Hollandsche Toneel verloren; het had zig onder de Rederijkers het eerst naar het Grieksche geschikt onder Coster en Vondel; toen naar het Spaansche en toen naar het Fransche, vertalingen van Corneille, Racine en Voltaire; hier op naar het Hoogduitsche van Kotsebue, maar Schiller maakte geen opgang, gelijk ook niet de Engelsche, alleen een paar stukken van Shakespear uit het Fransch, en de Nederduitsche van Bilderdijk, Weselius, Walree en Klijn, vonden eenige bijval; men moedigde wel de Digters aan om hun tot in 1819 toe vrije toegang tot alle de plaatsen te geeven, hetgeen in 1820 tot de Bak alleen bepaald wierd, maar het verliep zoo zeer, en ook met den staat der Geldmiddelen, dat de Stads-regeering zig genoodzaakt vond om het bestuur van dezelve aan eenige der voornaamste Toneelkunstenaars in 1841 op te dragen.

De weinige zugt voor de vermaken, word veel al veroorzaakt door de groote werkzaamheid en vlijtbetoon, en onvermoeiden ijver, welke de meeste nog bezitten; van hier dat men in de stad zeer weinige Ledig-gangers vindt. Alles is bezig, de koopman, de winkelier, de Ambagtsman, de Fabrikant, betoond zijn noeste vlijt, van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat, op veele manieren word de kost gewonnen, tot kinderen toe, en vooral bij de Joden, lopen dezelve met koopwaren langs Grachten en Straaten.”

Er zijn, na ongeveer een eeuw, ook ons bekende klanken in deze ontboezeming, „...de zugt naar dezelve is zeer verminderd, deels door de tijdsomstandigheden, en ten andere door de zugt naar het Nieuwe...” Het kon heden zijn geschreven. Ook nu ondervindt het tooneel den ongun-stigen invloed van „de tijdsomstandigheden” en niet minder van „de zugt naar het Nieuwe”, thans echter niet „Operas en Balletten”, doch de film. Omtrent de schouwburgen zelf deelt Meijer mede:

„Er bestaat ook, buiten de hier voren vermelde Hollandsche Schouwburg, een Fransche en eene Hoogduitsche ofwel een Italiaansche en veele Liefhebberij-Schouwburgen, waaronder de laatste, de Salon des Variétés in de Nes, het beroemdste is.”

Van der Vijver, een tijdgenoot van den Wijkmeester (zijn Geschiedkundige Beschrijving der stad Amsterdam verscheen van 1841 tot 1848) verhaalt, dat in 1773, dus een jaar na den brand, met den bouw van een nieuwen schouwburg op het Leidscheplein, naar het ontwerp van J. E. de Witte,

165

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.