Joods huwelijks- en echtscheidingsrecht

Titel
Joods huwelijks- en echtscheidingsrecht

Jaar
2002

Druk
1994

Overig
1ed 1994

Pagina's
249



HALACHISCHE STATUS VAN CIVIELE HUWELIJKEN

Sommigen autoriteiten stellen dat om elke twijfel uit te sluiten een get moet worden gegeven. Rabbijn David Tswi Hoffmann1 stelt:

"Naar mijn mening moet er een get worden gegeven om elke twijfel uit te sluiten. Daarom moet er op deze wijze bekendheid aan worden gegeven [aan het einde van het huwelijk]. Als het niet mogelijk is om een get te geven, moeten we een mild standpunt innemen [dat wil zeggen er is geen get nodig] zodanig dat we er niet van uitgaan dat hij door de geslachtsgemeenschap beoogde haar te huwen."

En Rabbijn Izaak Klein:

"Het is vanzelfsprekend dat we tegenwoordig ons niet aansluiten bij degenen die het religieuze huwelijk overbodig achten en ook niet bij degenen die er strikt op toezien dat een huwelijk overeenkomstig de eisen van de Halacha wordt gesloten. Onze ervaring is dat de morele instelling van hen die verbonden zijn door een civiel huwelijk (...) in gunstige zin kan worden vergeleken met hen die een religieus huwelijk hebben gesloten."2

De Rogochever Gaon (R. Joseef Rosin van Dvinsk) antwoordt op de vraag over twee Joden die in Rusland een burgerlijk huwelijk hadden gesloten in een responsum in 19293:

"Per definitie (vehageder) zijn er twee gevolgen van het verwerven van een vrouw 1) ze wordt van hem en 2) ze is verboden voor alle anderen als zijnde een gehuwde vrouw en de kidoesjien van een andere man is ongeldig. Dit betekent dat indien de man specifiek kidoesjien bedoelt, de vrouw niet als concubine wordt beschouwd."

En in soortgelijke zin zegt R. Joseef Henkin van New York35°:

"... want als iemand met een vrouw geslachtsgemeenschap heeft, is ze al met hem verbonden. En ze kan ook andere dingen vragen [met betrekking tot het huwelijk]. Dit is ook de Noachitische Wet die in de ziel van een ieder is ... Dus, overeenkomstig hetgeen ik al eerder schreef dat zelfs zonder formele heiliging als hij de vrouw met het oog op een huwelijk

127

1  Duitsland, 1843-1921 in zijn responsa verzameling MELAMMED LEHO'IEL, Even HaEzer nr. 20.

2  Proc. of the Rabbinical Assembly V (1933-1938) pp. 485, en in diens "A guide to Jewish Religious Practice", The Jewish Theological Seminary of America. New York. 1979. p. 411.

3  Geciteerd door Novak zie noot 314.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.