OVERZICHT VAN HET JOODSE HUWELIJKS- EN ECHTSCHEIDINGSRECHT
dische relevantie van bij een huwelijk gebruikelijke documenten is een andere vraag. Om concreet te zijn: de vraag naar de juridische relevantie van een ketoeba in het seculiere recht is een vraag van een andere status dan de vraag naar de geldigheid van een civiel huwelijk in de Halacha.
Rabbijnse autoriteiten hebben verschillende posities ingenomen bij het antwoord op de vraag naar de geldigheid van civiele huwelijken. Sommigen nemen het standpunt in dat dergelijke huwelijken halachisch relevant zijn, in dier voege dat indien partijen dit huwelijk wensen te beëindigen een get noodzakelijk is. Ik noem dit het strikte standpunt. Anderen zijn van oordeel dat een dergelijk huwelijk halachisch niet relevant is en dat, indien partijen echtscheiding willen, er geen get noodzakelijk is. Ik noem dit het milde standpunt.
De termen 'strikt' en 'mild' mogen niet de verkeerde associaties oproepen in die zin dat 'strikt' wordt vertaald als conservatief en 'mild' als progressief. In tegendeel, met 'strikt' duid ik op die wijze van redeneren waarbij men de Halacha als uit ware uitbreidt (centripetaal) door het nieuwe verschijnsel (civiel huwelijk) binnen het bereik van het halachisch redeneren te brengen. Het 'milde' standpunt is centrifugaal waarbij men de Halacha als het ware afsluit voor nieuwe verschijnselen en ontwikkelingen. Deze benaderingswijzen zeggen ook iets over de houding ten aanzien van het probleem van de agoenot (hfd.VIII/deel II) en mamzeroet.
VI.i Het Strikte Standpunt
Als een civiel huwelijk minimaal dezelfde elementen als een kidoesjien bevat dan heeft een dergelijk huwelijk halachische status. De minimale eisen van de kidoesjien zijn:
1. handeling van de kidoesjien
2. getuigen
3. verklaring
122