leefden, zouden slechts een gedeelte van het aantal Joden behoeven op te nemen van vroeger om toch een redelijk bestaan voor hen te openen. Wanneer dus elk land begon met zijn eigen Joodse burgers terug te nemen, zou het vraagstuk al zeer vereenvoudigd zijn. Het ligt dan ook volkomen voor de hand, dat men daarmee begint; Nederland heeft natuurlijk niet geaarzeld de Joodse uitzonderingswetten uit de tijd der bezetting onmiddellijk buiten werking te stellen en aan de Nederlandse Joden hun oude volledige rechten terug te geven. Was er vroeger reeds geen grond om zich over de 140.000 Joodse Nederlanders te verontrusten, de overgebleven 23.000 kunnen zeker geen reden tot bezorgdheid geven.
Maar de moeilijkheid ligt in de omstandigheid, dat in centraal Europa de levensmogelijkheden tengevolge van de uitmergelende oorlog tot een veel lager peil gedaald zijn dan vroeger. Elk volk strijdt een verwoede strijd om in hei leven te blijven en zijn kansen voor de toekomst te verzekeren. In zulk een gespannen situatie wordt de „vreemdeling”, die ook moet leven, met bijzondere argwaan bekeken.
Daar komt bij, dat de betrokken Joodse groepen nu ecns voor al weten wat hun te wachten staat van een staal, die zelf in nood komt of om andere reden op de zorg voor het eigene wordt teruggeworpen. Was voor hen vroeger de bodem op tal van plaatsen drijfzand, nu is de verraderlijkheid zo ontstellend duidelijk gedemonstreerd, dat zij meer zekerheid zoeken.
De betekenis van deze psychologische factor moet niet worden onderschat. Wat voor waarborgen biedt een relatief herstel der oude toestanden?
Voeg hierbij de ergernis bij vele Europese volkeren, die opkomt bij het zien, hoe de Joden, krachtens hun eeuwenoude ervaring om in ónmogelijke situaties het meer dan mogelijke te bereiken, in de voorlopige chaos van verhoudingen verbluffend snel de weg weten te vinden naar kleine succesjes, die dan weer grotere in zich bergen. De tactiek van de strijd om het bestaan is bij hen tot het ongelooflijke geperfectioneerd. Dat zij zich zodoende sympathie verspelen maakt op
173