Wat moet onze practische houding nu zijn tegenover dit Joodse vraagstuk?
Er is een groep oplossingen die ik zou willen rangschikken onder het hoofd ..defaitistische oplossingen”. Het kenmerk van deze alle is, dat men de zaak eigenlijk niet aandurft en probeert van zich af te schuiven. Daaronder reken ik de nationalistische manier om het Joodse probleem te behandelen, die uitgaat van het eigen nationaal belang van een of ander volk, in tamelijk eng bestek gezien, en dan constateert, dat men de Joden maar zeer betrekkelijk gebruiken kan. De een gaat dan verder op deze weg dan de ander. Sommigen willen alle Joden uitwijzen uit hun land; anderen willen hen in beperkten getale en met beperkte burgerrechten toelaten. Meestal voelt men wel, dat daarmee het probleem verplaatst wordt en eist men van een of andere grote mogendheid, meestal Engeland, dat zij ergens ter wereld een territoir opent voor nieuwe Joodse vestiging.
De tijd voor huiselijke politiek is echter voorbij en ik reken al zulke oplossingen voor al te huiselijk. Men ziet alleen de vragen van de eigen volkshuishouding en dan nog onder het aspect van zorg en angst en beveiliging; alles wat daarop storend inwerkt wordt in de geest niet toegelaten en door het gevoel gehaat. Men schuift af wat men niet gebruiken kan. Dit herinnert aan de stemming, waarin de meeste gezinnen in de afgelopen jaren, speciaal de winter van 1944, hebben gevochten om hun bestaan tegen de dreigende honger en kou. Die mentaliteit is diep gaan vastzitten en dreigt nu de naoorlogse politiek te blijven benauwen. Men loopt
170