Het Joodse vraagstuk

Titel
Het Joodse vraagstuk

Jaar
1946

Pagina's
200



het aardrijk sidderen, maar zijn gunst overtreft elk verlangen.

Dit pathos heeft in de Joodse ziel verband mei een onuitsprekelijke ontzetting over hetgeen zich tussen hemel en aarde afspeelt. Wie daar geen notie van heeft is een philister (Philistijn), een kleine burgerman, die alles meet naar zijn eigen capaciteit, zowel zijn schrik als zijn waardigheid en verlangen. Dit Joodse pathos voert buiten de gegeven schepping en belijdt daarboven een verborgen Schepper. Het ondoorgrondelijke wereldbeleid wordt alleen door kleine mensen bijgesneden tot het hun past, maar in dit opzicht heefl de Joodse ziel ruimte van verbazing, van protest, van opstandigheid, maar dan daarbovenuit nog weer van zwijgende ontzetting en stamelende aanbidding. Dit pathos begeleidt de idee van de heilige Wetgever en Rechter, van de wonderdoende God, en ook die van de verkiezende Liefhebber van zijn volk, die in een exclusieve intimiteit treedt, waarin het jawoord met jaloerse ijver wordt behoed. De bliksem van dat goddelijke „Ik” is in de Joodse ziel ingeslagen en heeft er blijvend het besef van het eigen menselijke „ik” ingeschroeid. Die beide ongelijksoortige partners laten elkaar niet meer los. In deze vorm van absoluutheid is de relatie vastgelegd en daarmee ook het levensbesef van het Joodse volk. Zolang hei zijn God heeft heeft het zichzelf, en zodra het aan zichzelf gaat twijfelen richt het zich op in zijn God. Mocht die absolute God zijn transcendentie inboeten, dan zou een wereldangst zich van de Joodse ziel meester maken, want een diepere wortel dan in die particuliere verkiezende verborgenheid kan zij zich niet denken. Vlak buiten het pathos van dit zelf bezit in God ligt het pathos van angst voor vervloeiing in het Al, dat in zichzelf geen speciale bedoeling kent.

Is zo de pathetische levensbeaming. die de Joden kenmerkt, van een diepe ernst, en in de meest eigen grondslagen van het Joodse leven gefundeerd, ze wordt tegelijkertijd opgevangen in een zekere nuchterheid, die evenzeer typerend is. Het is de nuchterheid van een volk. dat reeds lang heeft geleerd te geven en te nemen, niet alles op één kaart te zet-

143

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.