XXXVI
Art. 12.
Op den Sabat voor de drie hoofdfecstcn zal de Ncdaba de Salos Peamim (drievoudige vrijwillige offering) worden gehouden, wier opbrengst onder do armen der gemeente zal worden verdeeld.
Nvt. 13.
Op Sabat Nahnmn (den Sabat na den vastendag voordo verwoesting van Jeruzalem) zal eene Nedaba (offering) voor Tierra Santa (het heilige land) worden gehouden, ovenzoo op Hanuca (Inwijdingsfeest) voor de Vistoria (bloeding der anno kinderen) in het volgende jaar en op Sabat Mikamoka (Sabat voor het Lotenfeest) voor do uitgaven der ffebra (geneeskundige hulp) terwijl voor Captivos (vrijkooping van gevangenen) zal kunnen Nedaba gehouden worden, wanneer zulks noodig is en de Mahamad het goed vindt.
Art. 14.
Op Purim (Lotenfeest) zal worden ingezameld voor Maot Purim (spijs voor liet lotenfeest) en zal de opbrengst dadelijk aan de armen worden gegeven ; ook zal een ieder, na bekomen verlof van den Mahamad, en met opgave van den persoon, voor wien zjj zulks doen, tot dat doel kunnen inzamclcn.
Art. 15.
Op den avond van Ros Asana zal de Mahamad een Hatan Torn en Hatan Beresit benoemen, wier benoeming den volgenden dag bekend gemaakt zal worden, en die op den dag van hun feest de Misvot (kerkelijkc functiën) naar hun goeddunken zullen tocdcelen.
Art. 16.
In de Synagoge zullen geene feesten (dramatische voordrachten) of (tooneelmatige) voorstellingen mogen gehouden worden.
Art. 17.
De Mahamad neemt de kaarsen, die op Kipur branden verneigen rekening en worden de overblijveudc einden aan de Sedaca afgestaan.