werd herhaaldelijk aangevallen tijdens de onlusten.
Enkele dagen voor het einde van de mandaatspe-riode smeekte de Opperrabbijn van Palestina — Raw Herzog — om toch enige bescherming voor deze nederzetting achter te laten of althans niet alle wapens, uitrusting enz. aan het Legioen over te dragen.
Beide verzoeken werden in de wind geslagen. De nacht van 15 Mei werd de kolonie door 5000 Legion-nairs overvallen. Slechts weinigen ontkwamen de dood.
Het Legioen belegerde Jeruzalem — het vernietigde de Joodse oude stad — en een van de Engelse officieren — Andrews — gaf bevel Jeruzalem te bombarderen.
Christenen wie Uwer huivert niet bij de gedachte aan de schuld van het land dat zich eens vol glorie „Gods own Country” noemde.
De Joden hebben Jeruzalem verdedigd — zij hebben er opnieuw geleden.
En weer hebben velen hunner hun leven voor deze stad gegeven. Want niet in Cairo, Bagdad of Lake Success, maar aan Babels stromen heeft Israël de eed van trouw aan Jeruzalem afgelegd.
„Jeruzalem — zo ik U vergeet....
„Een Staat herrijst”.
En zo kwam de 15e Mei. De Engelse regering legde het mandaat over Palestina neer.
In de namiddag van Vrijdag 17 Mei (en niet om middernacht in verband met de Sjabbat) riep David Ben Gurion namens de voorlopige regering de nieuwe
150