Als de gangklok in het hotelletje twee uur slaat, zakt Louise slapend weg in het diepe veerenbed, in de diepe donzen kussens. Er is geen enkele vastheid onder het zinken. Het Chineesje heeft zich teruggetrokken op den divan, hij stamt uit een deftig mandarijnengeslacht en blijft niet slapen naast een prostituee.
161