Woensdag
Ik was te moe gisteravond. Nu is het 12 uur. R en R zijn net binnen komen vallen en ik was bezig te gaan zwemmen, wat nu natuurlijk niet doorgaat. Ru kwam het eerst binnen met uitgestoken hand en zei heel ernstig: “Dag Els. ” En ik sufferd lachte maar, want het was zo een idioot idee Ru, die een hand geeft en dan zo ernstig. Toch wel leuk, dat ze er weer zijn. Het maakt me echt blij Marijke weer te zien, ik miste haar zo. Het geval Limburg is afgedaan, ze kunnen nu stikken voor mijn part, ik weet in elk geval hoe het zit. (Dat weet ik nu niet meer. Wat ik had gehoord: dat Ruth zonder dwingende aanleiding haar eerste onderduikplaats na Jenny in Limburg had ‘opgegeven.’ Meer dan dertig jaar later, ofschoon ze nooit met mij over de oorlog sprak, bekende ze mij een keer terloops dat ze destijds beslist niet uit Limburg had moeten weggaan). Ik ben weer eens veel te ‘voreilig’ (voorbarig) geweest met mijn standje, hè? Je zal zien daar stoot ik altijd mijn verhit hoofd. Ik zal het vanavond wel ter sprake brengen. Ik wist altijd wel, datje het er moeilijk had daar, ondanks je schijnopgewektheid. Ik las het door je brieven heen, het was datgene wat me steeds zo somber stemde. Nu spreekt er een heel andere toon uitje brieven en al heb je daar óók narigheid is er toch een heel andere sfeer in je en om je heen. Voel ik het zo juist? Met dat voor de kop stoten, geliefde, overdrijf je weer schromelijk. Ook hier moet ik eerst ‘altera pars’horen. (Vader prentte ons van jongs af aan in: ‘audiatur et altera pars’ - ook de andere kant moet gehoord worden). Ik bedoel, zo zei Roos het, datje tegen hun wil in b.v. uitgegaan was. Dus denk daar nu om, dat het niet weer gebeurt. Je schrijft helemaal niet, hoe je het daar hebt en ook niets over Ag. zelf (Ruth zat nu voor het eerst in Amstelveen ondergedoken). Wil je niet of gaat het niet? (...) Weetje met die verliefdheid van Ru zal wel verbeelding geweest zijn. (Die ‘verbeelding’ bleek later zeer juist te zijn geweest). Of wat nog waarschijnlijker is, het was er even en toen vond hij zich weer terug en was dubbel blij met Roos en voor het eerst zag ik hem tegenover haar echt verliefd wat ik heerlijk vond. Want met dat sleurhuwelijk van ze is maar al te waar. Het komt vooral omdat ze zich allebei te veel in hun werk verliezen. Hij werkt tegenwoordig avond aan avond tot tien uur